|
Article on other languages:
|
De Centraal-Afrikaanse Republiek, Centraal-Afrika of soms ook wel Centrafrika, is een land in Afrika en grenst aan Tsjaad, Soedan en Congo-Kinshasa, Congo-Brazzaville en Kameroen . Op 13 augustus 1960 werd de Centraal-Afrikaanse Republiek onafhankelijk van Frankrijk, nadat het twee jaar eerder autonoom was geworden. Voor meer dan drie decennia werd het land geregeerd door presidenten, die de macht met geweld in handen gekregen hadden of hun macht ontleenden aan frauduleuze verkiezingen. De eerste democratische verkiezingen werden gehouden in 1993, waarna Ange-Félix Patassé president werd. Patassé werd echter in 2003 afgezet door generaal François Bozizé. Bozizé won de democratische verkiezingen in 2005 en is sindsdien president. De Centraal-Afrikaanse Republiek is een van de armste landen ter wereld.
Geografie
Bestuurlijke indelingDe Centraal-Afrikaanse Republiek is ingedeeld in 16 prefecturen. MunteenheidNationale munt: CFA-frank, ISO 4217 munteenheidcode XOF. GeschiedenisFrans kolonialismeDe eerste Europeanen kwamen rond het einde van de negentiende eeuw, tijdens de Scramble for Africa (race om Afrika), in het gebied van de Centraal-Afrikaanse Republiek. De Fransen hadden reeds nederzettingen in Congo-Brazzaville, en zonden expedities uit om ook het binnenland van Centraal-Afrika te koloniseren. Ook Koning Leopold II, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland hadden interesse in het gebied. In 1889 vestigden de Fransen een nederzetting op de plaats van de huidige hoofdstad Bangui. De Fransen wilden hun koloniaal gebied uitbreiden en zonden expedities naar het binnenland van Centraal-Afrika. Later werden de grenzen van de Frans-Afrika vastgelegd in overeenkomsten met België en Duitsland. In 1899 kregen 17 bedrijven toestemming van de Franse regering om grote gebieden in Centraal-Afrika te exploiteren. De bedrijven dreven handel door Europese goederen te verkopen, en inheemse goederen te exporteren naar Europa. De inheemse bevolking werd vaak met bruut geweld gedwongen om voor de bedrijven te werken. Tegelijkertijd begon de Franse regering van de inwoners het betalen van belastingen en het verlenen van arbeid in dienst de Franse Staat te verlangen. In de jaren twintig van de vorige eeuw verbeterden de Fransen de infrastuctuur en de gezondheidszorg. Nieuwe vormen van gedwongen arbeid werden geïntroduceerd, bijvoorbeeld bij de aanleg van de Congo-spoorlijn(Pointe-Noire - Brazzaville). Veel arbeiders stierven aan ziekte of uitputting. In de periode van 1930 tot 1940 werd veel katoen, thee en koffie verbouwd in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Ook werd er goud en diamant gedolven. In de Centraal-Afrikaanse Republiek leven ook de Aka pygmeeën. OnafhankelijkheidIn 1958 werd de regio Oubangi-Chari autonoom binnen de Franse Gemeenschap, en nam de naam Centraal-Afrikaanse Republiek aan. Op 13 augustus 1960 werd de Republiek onafhankelijk van Frankrijk. Onmiddellijk brak een machtsstrijd uit tussen de potentiële presidenten Abel Gouma en David Dacko. Dacko greep de macht en liet Gouma arresteren. Twee jaar later vestigde David Dacko een dictatuur. In 1965 werd het regime van Dacko omvergeworpen door kolonel Jean-Bédel Bokassa, die de grondwet opschortte en het parlement ontbond. Bokassa riep zichzelf uit tot president voor het leven in 1972 en benoemde zichzelf tot keizer van het Centraal-Afrikaans Keizerrijk in 1977. In 1979 regisseerde Frankrijk een staatsgreep tegen Bokassa, en herstelde de macht van David Dacko. Later (in 1981) werd Dacko opnieuw afgezet door een legerofficier. Generaal André Kolingba werd de nieuwe president. André Kolingba regeerde met een militaire junta tot 1985. In 1986 stelde hij een nieuwe grondwet voor, die per referendum aangenomen werd. In 1987 werden presidentiële verkiezingen gehouden, die echter geboycot werden door Abel Gouma en Ange-Félix Patassé, de belangrijkste opponenten van Kolingba. Kolingba bleef dus president. In 1990, na de val van de Berlijnse Muur, werd de democratische beweging actiever. Onder druk van de Verenigde Staten en Frankrijk gaf Kolingba toestemming voor het houden van vrije verkiezingen. Ook werd Kolingba gedwongen vertegenwoordigers van andere partijen toe te laten in het parlement. In 1993 werden de verkiezingen uiteindelijk gehouden. Patassé werd president en zijn partij - de MLCP - kreeg een kleine meerderheid in de Nationale Assemblee. Ook Patassé regeerde als een dictator: zo liet hij politieke tegenstanders vermoorden. Door de etnische spanningen was het land zeer onrustig. In 1997 werden troepen uit verschillende Afrikaanse landen gestationeerd in Centraal-Afrika. Later werden zij vervangen door troepen van de Verenigde Naties. In 1998 werden de parlementsverkiezingen gewonnen door de partij van Kolingba, doch werd Patassé in 1999 herkozen bij de presidentsverkiezingen. In 2002 pleegde François Bozizé een coup. Hij werd in 2005 gekozen tot president. Staatsinrichting
Zie ook
Externe links
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
This article is from Wikipedia. All text is available under the terms of the GNU Free Documentation License.